Spelregels voor de Arnhemse Wijkaanpak

Spelregels voor de Arnhemse Wijkaanpak

VAN KRACHT VANAF 1 JANUARI 2014.

A. ALGEMEEN
De gemeente Arnhem heeft haar missie voor het wijkgericht werken als volgt beschreven: “De gemeente Arnhem draagt zorg voor duurzame ontwikkeling en beheer van het woon-, werk- en leefklimaat in de stad op het schaalniveau van de wijk omdat de “wijk” voor bewoners herkenbaar is. De gemeente doet dit met bewoners in de wijk en partners van de stad, afgestemd op samenwerken in de wijk.”

Met een wijkgerichte aanpak wil de gemeente de zeggenschap en betrokkenheid van alle Arnhemse burgers bij de eigen leef- en woonomgeving aanspreken en bevorderen. Op wijkniveau zijn overlegvormen ingesteld, waarin wijkbewoners zo nodig met gemeentelijke wijkfunctionarissen en betrokken maatschappelijke organisaties overleggen en werken aan een leefbare wijk. Burgerparticipatie op basis van partnerschap is daarbij het kernbegrip.

B. HET BEWONERSOVERLEG
Het bewonersoverleg is een verzamelnaam van vormen van overleg van wijkbewoners zoals die in de als zodanig benoemde Arnhemse wijken* georganiseerd zijn. Het gaat om wijkplatform, bewonersplatform, wijkraad, adviesraad, dorpsraad of wijkorganisatie.

De informatie van de wijken op bijlage met verwijzing naar digitale gegevens.

Functie
Het Bewonersoverleg is een adviescommissie van het college van B&W in de zin van art. 84 van de Gemeentewet.

Taken
Het Bewonersoverleg kent de volgende taken in de eigen wijk:
a. Gevraagd en ongevraagd uitbrengen van zwaarwegende adviezen over fysieke, sociale en economische aangelegenheden van de eigen wijk aan het college van B&W en aan andere betrokken organisaties met bijbehorend draagvlak.
b. Bespreken en afstemmen van ontwikkelingen en daarvoor bewoners en deskundigen consulteren die in de wijk werkzaam zijn.
c. Initiëren en bevorderen van initiatieven.
d. Signaleren en agenderen van zaken die aan de orde zijn.
e. Bevorderen van wijkcommunicatie en ondersteunen van burgerparticipatie.
f. Uitbrengen van zwaarwegend advies over besteding van het wijkbudget.
g. Ondersteunen van de gemeente met de organisatie van het tweejaarlijks Wijkgesprek.
h. Het bewonersoverleg is actief betrokken bij de voortgang van het Wijkactieplan.

Samenstelling Bewonersoverleg
3. Alleen wijkbewoners hebben zitting in het Bewonersoverleg van een wijk (zie art 4).
4. De samenstelling van het Bewonersoverleg doet zo veel mogelijk recht aan de bevolkingssamenstelling van de wijk en spreiding over de buurten. De deelnemers zijn woonachtig in de wijk. (eventueel uitgezonderd deelnemers via artikel 8)
5. Van de deelnemers van het Bewonersoverleg wordt verwacht dat zij het algemeen belang van de wijk dienen. Zij kunnen een stem uitbrengen als stemming aan de orde is.
6. De deelnemers van het Bewonersoverleg worden tweejaarlijks (gekoppeld aan opstellen van het Wijkactieplan) via een openbare en brede werving aangezocht en daarna wordt in het najaar de samenstelling van het Bewonersoverleg voorgelegd ter benoeming aan het college van B&W.
7. Het aantal stemgerechtigde deelnemers kan per Bewonersoverleg verschillen, maar is gebonden aan een minimum van 7 deelnemers. Voor deelneming geldt een minimum leeftijd van 16 jaar.
8. Met instemming van het Bewonersoverleg kunnen wijkorganisaties aan het Bewonersoverleg deelnemen met een kwaliteitszetel met stemrecht. Wijkorganisaties kunnen bijvoorbeeld zijn: een sportorganisatie, speeltuinvereniging, buurt-/wijkcentrum of wijkschool. Een deelnemer van het Bewonersoverleg kan niet namens twee organisaties deelnemen.
9. De gemeente, organisaties en beroepskrachten worden op uitnodiging per agendapunt gevraagd om deel te nemen aan de vergadering. De wijkregisseur en de stadsdeelmanager wijkonderhoud van de gemeente zijn op uitnodiging of eigen initiatief aanwezig.
10. Opbouwwerk is adviseur van het Bewonersoverleg en ondersteunt indien nodig het Bewoners overleg met samenstellen en functioneren. De wijkregisseur en de stadsdeelmanager wijkonderhoud zijn de vaste aanspreekpunten van de gemeente. Op bijlage wordt inhoud van de functies nader toegelicht.

Organisatie
11. Het is niet mogelijk dat personen die actief zijn in de Arnhemse gemeentepolitiek (bijvoorbeeld raadsleden, commissieleden) en ambtenaren in dienst van de gemeente Arnhem stemgerechtigd deelnemer zijn van een Bewonersoverleg, zij kunnen wel toehoren en aan hen eventueel adviseren.
12. De agendering, voorbereiding en verslaglegging van de vergadering wordt verzorgd door een “agendacommissie”, waarin een aantal deelnemers van het Bewonersoverleg zitting hebben.
13. Indien wenselijk wordt de “agendacommissie” bij de organisatie ondersteund door het opbouw werk.
14. De deelnemers van het Bewonersoverleg kunnen uit hun midden een gespreksleider of voorzitter aanwijzen (eventueel ook secretaris en financieel toezichthouder). Voor de gespreksleiding kan ook een externe gespreksleider aangezocht worden.
15. De deelnemers van het Bewonersoverleg kiezen twee deelnemers die het Bewonersoverleg extern vertegenwoordigen (bijvoorbeeld voor Centraal Overleg Wijken).

Werkwijze
16. Vergaderingen van het Bewonersoverleg zijn in principe openbaar. Er wordt verslag van het overleg gemaakt dat in de wijk verspreid wordt. De vergadering wordt minimaal één week van tevoren openbaar aangekondigd.
17. Het Bewonersoverleg stelt zelf zijn agenda vast. Alle aangesloten partijen kunnen agendapunten inbrengen. De uitwerking van de taken, zoals in artikel 2 geformuleerd, kunnen een onderdeel van de agenda vormen.
18. Bij het nemen van besluiten streeft het Bewonersoverleg naar breed gedragen besluitvorming, maar indien nodig kan besloten worden met meerderheid van stemmen. Beroepskrachten hebben wel adviesrecht, maar geen stemrecht.
19. Elk Bewonersoverleg heeft de mogelijkheid om haar specifieke werkwijze vast te leggen in een huishoudelijk reglement. Het huishoudelijk reglement is uitvoerend van aard en niet in strijd met deze spelregels.

Middelen (wijkbudget)
20. Het Bewonersoverleg heeft adviesrecht over besteding van “het wijkbudget”. Dit wijkbudget is een middel om de organisatie van het Bewonersoverleg, de wijk communicatie en burger participatie te bekostigen.
21. Alle wijkbewoners, groepen en organisaties in de wijk kunnen een aanvraag voor de ondersteuning voor een initiatief met het wijkbudget indienen. Per wijk kan de procedure bijvoorbeeld via het huishoudelijk reglement (art 19) geregeld worden.
22. Deelnemers van het Bewonersoverleg mogen niet meestemmen over aanvragen waarbij zij zelf (of namens een organisatie) betrokken zijn.
23. Het Bewonersoverleg brengt een zwaarwegend advies uit over de besteding van het wijkbudget aan het College van B&W op basis van een jaarbegroting en de uitgave per activiteit. De budgethouder van het wijkbudget is de wijkregisseur. Het college van B&W kan alleen gemotiveerd van het advies van het Bewonersoverleg afwijken.
24. Overschrijding van het wijkbudget is niet toegestaan. De hoogte van de reserve van het wijkbudget per wijk mag de omvang van één jaarbudget niet overschrijden.
25. Leden van het Bewonersoverleg nemen deel op vrijwillige basis, zonder vergoeding. De onkosten die gemaakt worden om het werk te kunnen doen, kunnen worden gedeclareerd met overleg van bonnen/bewijzen of dienen aannemelijk gemaakt te worden.
26. De toedeling van het wijkbudget per wijk wordt volgens criteria bepaald door het college van B&W.
27. In die gevallen waarin de spelregels niet voorzien kan, indien gevraagd, het college van B&W beslissen.

Spelregels Arnhemse wijkaanpak pdf bestand